e shtunë, maj 26, 2007

Mijn eigen Everest

Het is zondag, zo-zo-zo zondag en u luistert naar het blogpaleis!!

OK, even serieus nu... We zijn sinds gisteren terug in Mussoorie, een 'hill station' (door de Engelsen gebouwde steden in de bergen waar ze in de hete zomers hun toevlucht zochten om wat af te koelen) met een vreemd Brittindish karakter: koloniale hotels bevolkt door Indische families slapend op matjes, Britse taxi's met chauffeurs Indische stijl (en dat is wat, ik kan het je verzekeren!).

Hier vertrokken Andy en ik een week geleden, samen met twee Parisiennes en 1 Parisien op trektocht. Alex, een 40-jarige designer met avontuurlijke inslag; Sylvia, een 36-jarige Congolese, met veel allures maar een ijzeren wil; Celine, 27 jaar, werkloos artiest en boeddhistische opvoeding. Eerste stap: een taxi huren (merk Ambassador voor de kenners) om naar Sankri te gaan, een dorpje in het Nationaal Park waar we zouden gaan trekken en waar we hoopten de nodige voorzieningen te kunnen treffen. Het was een helse maar prachtige tocht waarin de termen 'haarspeldbocht' en 'tegenligger' opnieuw gedefinieerd werden. Na enkele uren kregen we de eerste pieken van de Himalaya te zien en wisten we echter al dat dit de moeite zou zijn. In Sankri konden we gelukkig alles snel regelen (kampeergerief, gids, sherpa, kok en eten) zodat we meteen de volgende dag konden vertrekken. Na twee weken yoga en regelmatige, gezonde levensstijl ben ik er helemaal klaar voor! Jammer maar helaas: Andy heeft ergens iets verkeerd gegeten en beziet heel de nacht de toiletpot van dichtbij. Dat in combinatie met spierpijn en koorts maakt me erg bezorgd; ook ik doe geen oog dicht dus. Hij wil echter koste wat het kost de volgende morgen vertrekken en dus zijn de eerste twee dagen van de trekking heel erg vermoeiend.

Dit gezegd zijnde, komt er alleen maar positief nieuws: de valleien die we doorkruisen en die ons achter elke bocht een ander landschap bieden zijn adembenemend (aardappel- en rijstterrassen wisselen af met naaldbossen en weiden vol kleurige bloemen en marihuanaplantjes...). We beschikken over een 'dream team', zowel wat onze Franse vrienden betreft, als de gids en de drie dragers/koks/helpers.
In vogelvlucht stijgen we maar 1800 meter op drie dagen, maar het is constant bergop en bergaf (of zoals onze steeds optimistische gids ons elke morgen om 7u aankondigt: only mini-up!!), klimmen over rotsen, wandelen in de hete zon of in de regen, leven op een dieet van bronwater, chapati's (Indisch brood), aardappelen, eieren, rijst en (geplette) banaan. Best wel wat dus maar al die uitdagingen vervagen in de frisse berglucht.
De 4 of 5 dorpjes die we doorkruisen lijken wel uit de middeleeuwen geplukt: houten huizen met sierlijke houtbewerkingen, bewoners die zelden een buitenlander zien, geen winkels noch elekriciteit of water. Het enige wat hen verraadt, zijn de zonnepaneeltjes op de daken, geleverd door sociale projecten die gesubsidieerd worden door de trekkingorganisaties en de overheid. Sylvia, Celine en ik kijken goedkeurend naar de vrouwen die mannenwerk doen en meerdere mannen kunnen huwen en de mannen die overheerlijk koken en zorgen voor de kinderen!

In de namiddag van de derde dag komen we aan in de Har Ki Dun-vallei: op 3800 meter hoogte is het een groene oase temidden van met sneeuw bedekte pieken. Het regent pijpenstelen, wat niet zo fijn is, maar het is vooral KOUD! Goed dus dat ik trekkingschool heb gevolgd en de juiste lagen van de juiste kleding bij heb :-) Wat niet belet dat ik 's nachts nog bevries, maar dat zijn allemaal maar details. Rond het kampvuur dinneren en een Frans-Engels-Hindi karaoke houden biedt troost. De vallei is overigens zo prachtig dat niemand nog klaagt en we allen met een licht gemoed beginnen aan de tweedaagse afdaling!

Terug aankomen in Sankri slapen we niet meer in het ongelofelijke vieze hotelletje (de muizenstrontjes waarmee de bedden bezaaid waren, waren zeker en vast niet bestemd voor op de boterham), maar kunnen we bij een familie thuis logeren. De man des huizes is hoofd van een organisatie van biologische voeding. Het avondmaal is dan ook een feeeeeest met lekkere groentensoep, chapati's (nogmaals, maar deze keer volgranen) en verse groene boontjes. Alles had luxe geweest op dat moment, maar dit was echt wel hemels.

We zijn het er allemaal over eens dat dit een trip was die ons altijd zal bijblijven, en waaruit we allemaal veel geleerd hebben. Voor mezelf bijvoorbeeld: stap voor stap wandelen en niet denken aan de vele kilometers 'mini-up' die nog volgen (een mooie metafoor voor het leven, voor de filosofen onder ons...)

En nu, een weekje later dus, zijn we terug in Mussoorie. Andy en ik hebben afscheid genomen van de Fransen en willen nu een aantal dagen uitrusten in dit gekke stadje. Er is hier ook een rollerskatebaan (IN ons hotel namelijk!), een cinema, een boeddhistische tempel, en... een aantal mooie wandelingen in de omgeving (we willen onze opperbeste conditie nu niet kwijtspelen he!).

Deze keer is het gelukt om foto's bij te voegen dus: sit back and enjoy!

Happy Sunday,
Liesbet



Groepsfoto in Sankri, vlnr boven: werknemer trekkingorganisatie, ik, Sylvia, Celine, onder: Andy, Alex, rechts: onze hyperkinetische maar supertoffe gids Jensing pakt zijn rugzak (nu enkel nog de 4 kartonnetjes met eieren die hij in de hand zal meedragen)



Himalayakinderen (de eerste besneeuwde bergtoppen op de achtergrond)


Pony met keurig geknipte pony en onze sherpa

Wij hebben het gehaald: Har Ki Dun! (op de achtergrond enkele pieken van meer dan 6000 meter) Monica, speciaal voor jou (maar ik was heel blij dat ik ze mee had): je lekker warme muts in de Himalaya!



Jeugdige drumspeler voor de tempel in het dorpje Saur

e premte, maj 18, 2007

Gecijfer

- Negen nullen en een 1, het aantal inwoners van India.
- Vijf nullen en een 1, het aantal buitenlandse toeristen hier (we maakten een heel ruwe schatting, dat minstens de helft daarvan Israeliers zijn is wel zeker).

Het is nauwelijks te bevatten. Geboorte- en overlijdenspercentages hebben hier bijna geen zin meer. Ik zoek naar iets dat ik met mijn analytische westerse geest wel kan begrijpen.
Een praatje met wat kindjes op straat, een paar lessen Hindi om op zijn minst 'negen nullen en een 1' te kunnen uitspreken, elke morgen een stevige yogaklas waarbij al het gecijfer verdwijnt in een vloeiende beweging.

Of exact vier fijne geboorteberichtjes uit Belgie:
- Ons Griet is bevallen van een tweede wereldburgertje: Quinten, 52cm, 3,125 kg
- Ons Vicky kondigt me net voor mijn vertrek aan dat ze mama wordt net voor of net na ze het glas hebben geschonken op het nieuwe jaar!!
- De zus van mijn schoonzusje (is dat dan een schoon-schoonzusje?!) heeft een zoontje van 4,320 KG en 52 cm (zijn naam vergat Florence er in al haar enthousiasme bij te vertellen!!)
- Annelies zet een gezonde dochter, Nesme, op de wereld.

Zelfs al tel je het aantal teentjes en vingertjes, 80 in totaal, dan zijn het nog cijfers die een mens kan bevatten!
PROFICIAT GRIET EN FREEK, VICKY EN MIKE, EN DE ANDERE OUDERS!!

Ik vertrek nu op trekking in de Himalaya (Har Ki Dun Valley, voor de geografieliefhebbers), beste mensen, dus wees niet ongerust als je een week of meer niets van me hoort! (internet is hier trouwens sowieso ontzettend traag em valt regelmatig uit dus elke mail is een overwinning!) Ik tel de bergen boven de 6000 meter en laat het weten wanneer ik de volgende statistieken publiceer!

Hindiknuffel,
Liesbet

e mërkurë, maj 16, 2007

Namaste

= have good day, maar dan in Hindi

Bijna twee weken in Rishikesh nu, yogacentrum in de provincie Uttaranchal.
Ik ben al een tijdje aan het wachten op een mailtje van beste vriendin Griet die elke dag kan bevallen van haar tweede kindje. Speciaal voor alle nieuwe leven had ik een tekst geschreven om te posten op de blog. Maar ieders geduld (vooral dat van de kersverse ouders dan) zal op proef worden gesteld want baby2 wil voorlopig niet komen!
Dus even een korte, wederom onpoetische samenvatting van de laatste twee weken:
yoga elke morgen, Hindiklassen in het huis van een Nederlander, veeeeeel rust om te wennen aan het warme klimaat en het andere eten, rondhangen in de drukke straten van Rishikesh en kijken naar de spirituele/bijgelovige/gekke Indiers (schrappen wat niet past).
In het weekend hebben Andy en ik een uitstap gemaakt naar het nabije Rajaji Park, bekend om zijn olifanten en luiaarden. Praaachtig park, buiten de motor van de safari-jeep wat broodnodige stilte, honderden hertjes, kleurrijke vogels, vlinders, ... Olifanten: tja, welgeteld 1. Luiaarden: welgeteld 0 (mezelf niet meegerekend). Wat had je gedacht, scenario's als in Kenia?! De beloofde rit op een olifant ging niet door om een of andere bizarre reden, maar dat maakte de ervaring er niet minder fijn op!
Verder een uitstapje naar Haridwar, het spirituele centrum voor de Hindu's omdat de exacte plaats (nuja, exactheid met een Indisch tintje) waar de Ganges uit de bergen komt hier gelokaliseerd werd. Echt maf om te zien: ze hebben een zijstroompje aangelegd te vergelijken met de wildwaterbaan in Center Parks waar duizenden Indiers dagelijks baden en hopen zo gereinigd te worden (in alle opzichten, al is het op hygienisch vlak twijfelachtig). We worden er als toeristen onmiddellijk herkend en aangesproken. We krijgen snoepjes aangeboden (ik probeer zo beleefd en onopvallend mogelijk de ingesmolten aluminiumfolie eraf te krabben, een taak die niet simpel is als heler families foto's van je staan te trekken), praten met Hindu's en sikhs en andere gelovigen en kijken vol ongeloof (heiligschennis!) naar halfnaakte oudjes die dreigen meegespoeld te worden met de stroming.
Mijn eigen reinigende bad in de Ganges had ik al eens genomen hier in Rishikesh, op een smal strandje met niet al teveel pottekijkers. Echt waar, soms voel ik me hier echt een popster, je zou haast denken dat ze hier nog nooit toeristen hebben gezien!
Seffes vertrek ik met Andy en nog een Fransman naar watervallen hier in de buurt, om nog wat afkoeling te hebben.
De komende dagen denk ik nog wat uit te rusten (en yoga natuurlijk, elke morgen, onmisbaar) en dan nog wat verder noordwaarts te trekken: naar Dehra Dun en Mussoorie (dit laatste is een 'hill station', een stadje hogerop in de bergen waar de Engelse tijdens de kolonisatie verkoeling zochten in de zomer; tegenwoordig wordt het overrompeld door de snel groeiende Indische middenklasse, waarvan de kinderen volgende week aan hun womervakantie beginnen).

Het volgende berichtje zal er een zijn om een aantal kersverse ouders proficiat te wensen, hoop ik!

Een dikke kus aan iedereen!

e shtunë, maj 05, 2007

Have good day

Vierde dag in Delhi, het is heeeet vandaag. Maar nog niet half zo heet als in juni, zeggen de lokalen als je ze probeert te paaien met wat small talk over het weer!
Dit bericht is eigenlijk meer een test dan een mooi relaas van een pas begonnen avontuur, beste vrienden, dus verwacht je niet aan poetische hoogstandjes.
Wees misschien eerder zelf creatief met volgende boodschappen:
- een sound and light- show in het Red Fort, Delhi, met hilarische vertalingen ('he liked common sluts' is er maar een van vele) terwijl je het gevoel hebt levend te worden opgegeten door horden muggen
- terechtkomen in een schoon park ('deer park', met allerlei beestjes behalve 'deer') en vervolgens picknicken op twee stoelen en een salontafeltje die zo uit een Vlaams boerendecor kunnen gestolen zijn
- een fietsriksja nemen voor een lange afstand, waarbij de chauffeur na tien minuten moet opgeven omdat het hem te zwaar wordt, en waarbij de volgende chauffeur na nog tien minuten moet opgeven omdat het hem te zwaar wordt (zou ik dan toch nog geen gewicht kwijtgespeeld zijn?!)

De volgende kernboodschap (of, wie weet, misschien een met meer inspiratie) vanuit Rishikesh ('yoga-capital of the world') waarnaar ik morgenvroeg vertrek.

Voor de rest een dikke knuffel aan alle jarigen, en tot binnenkort!